Ontruimingsalarminstallatie

Ontruimingsinstallatie bij veel bezoekers: aandachtspunten

RH Beveiligingstechniek B.V. RH Beveiligingstechniek B.V.
· · 9 min leestijd

Een winkelcentrum op een zaterdagmiddag, een congreszaal tijdens een pauze, of een school tijdens een open dag.

Inhoudsopgave
  1. Het verschil tussen dagelijks gebruik en piekbelasting
  2. Signaalsterkte en verstaanbaarheid
  3. Functiebehoud: niet alleen een kabelkwestie
  4. Zonering en logische groepen
  5. Onderhoud en beheer: aantoonbaar blijven
  6. Afstemming met beheer en hulpdiensten
  7. Veelgestelde vragen

Zodra er veel mensen in een gebouw zijn, verandert de dynamiek van een ontruiming. Niet alleen het aantal personen telt, maar ook hoe vertrouwd zij zijn met de routes, of er kinderen of mindervaliden bij zijn, en of de installatie het aankan als iedereen tegelijk reageert. Wij zien in de praktijk dat een ontruimingsinstallatie die op papier voldoet, in zo’n situatie toch knelpunten kan opleveren.

Het verschil tussen dagelijks gebruik en piekbelasting

Veel gebouwen zijn ontworpen op een bepaalde bezetting. Denk aan een kantoor met vaste medewerkers.

Maar zodra er bezoekers bijkomen – bijvoorbeeld tijdens een evenement of een verkoopdag – kan de bezetting tijdelijk verdubbelen of verdrievoudigen. De ontruimingsinstallatie moet dan nog steeds binnen de gestelde tijd een duidelijk signaal geven en de juiste zones aansturen.

Het Bbl (Besluit bouwwerken leefomgeving) stelt eisen aan de gebruiksfunctie en de bijbehorende voorzieningen. Die eisen zijn niet altijd gebaseerd op een incidentele piek, maar op het beoogde gebruik. Het is aan de eigenaar of gebruiker om te beoordelen of de installatie ook bij die piek nog functioneert zoals nodig. Wat ons opvalt: in de praktijk wordt vaak pas bij een verbouwing of een nieuwe bestemming gekeken of de bestaande ontruimingsinstallatie nog past.

Maar ook zonder verbouwing kan de bezoekersstroom veranderen. Een winkel die vaker acties houdt, een horecazaak die een terras uitbreidt – het lijkt klein, maar het heeft effect op de ontruimingstijd en de dekking van de signalering.

Signaalsterkte en verstaanbaarheid

Bij veel bezoekers is achtergrondgeluid een factor. Reken maar dat een volle zaal meer geluid produceert dan een lege.

De ontruimingsalarminstallatie (OAI) moet dan nog steeds verstaanbaar zijn. Dat betekent dat de luidsprekers voldoende vermogen moeten hebben en goed zijn geplaatst.

In ruimtes met veel galm, zoals een hal met harde vloeren en hoge plafonds, kan de spraakverstaanbaarheid snel teruglopen. Wij meten dat vaak met STI-waarden (Speech Transmission Index). Een waarde onder 0,45 is onvoldoende voor een goede ontruiming.

Bij een grote mensenmassa kan de verstaanbaarheid nog verder dalen doordat mensen zelf lawaai maken. Een praktisch voorbeeld: in een sportkantine met 200 bezoekers bleek de bestaande installatie wel aan de norm te voldoen bij een lege ruimte, maar tijdens een wedstrijd was de boodschap niet te verstaan. De oplossing was niet alleen meer vermogen, maar ook een andere plaatsing van de speakers en een betere verdeling over de zones.

Functiebehoud: niet alleen een kabelkwestie

Een ontruimingsinstallatie moet bij brand blijven werken zolang mensen nog in het gebouw zijn. Dat heet functiebehoud bij een ontruimingsinstallatie.

In de praktijk gaat het om de bekabeling, de ophanging en de voeding.

Voor een OAI geldt meestal een eis van 30 minuten functiebehoud (FB30 of E30). Maar wat veel mensen vergeten: functiebehoud geldt niet alleen voor de kabels, maar ook voor de ondersteunende constructies. Een kabel die door een brandende ruimte loopt, moet zijn functionaliteit behouden.

Dat betekent dat de kabel zelf brandwerend moet zijn, maar ook dat de beugels en kabelgoten dat zijn. Een standaard kunststof beugel smelt al bij 80 graden, terwijl de kabel zelf misschien 30 minuten tegen 800 graden kan.

Wij adviseren om bij een ontruimingsinstallatie in een gebouw met veel bezoekers extra kritisch te kijken naar de routes van de bekabeling. Lopen die door brandcompartimenten heen? Zijn er alternatieve routes? En is de voeding (accu’s of noodstroom) berekend op een langere ontruimingstijd? Want bij een grote groep duurt het nu eenmaal langer voordat iedereen buiten is.

Zonering en logische groepen

Een ontruimingsinstallatie werkt met zones. Bij een brand in één zone moet de rest van het gebouw vaak een waarschuwingssignaal krijgen, maar niet meteen volledig ontruimen. Bij veel bezoekers is het belangrijk dat de zonering logisch is: niet te groot, zodat mensen niet onnodig in paniek raken, maar ook niet te klein, zodat de brandweer snel kan ingrijpen.

Het Bbl schrijft voor dat de installatie moet zijn afgestemd op de gebruiksfunctie, maar de precieze indeling bepaalt u samen met de installateur en het bevoegd gezag.

Wat wij vaak tegenkomen: een gebouw dat oorspronkelijk als kantoor was ingericht, heeft zones per verdieping. Maar als datzelfde gebouw wordt gebruikt voor een beurs met honderden bezoekers, dan is het verstandiger om de begane grond in meerdere zones op te delen. Anders kan een kleine brand bij de ingang leiden tot een volledige ontruiming van de hele begane grond, terwijl een deel van de bezoekers veilig via een andere uitgang weg kan.

Onderhoud en beheer: aantoonbaar blijven

Een ontruimingsinstallatie moet periodiek worden getest en onderhouden. Dat staat in de NEN 2654 voor brandmeldinstallaties en in de NEN 2575 voor ontruimingsalarminstallaties.

Maar bij veel bezoekers is het extra belangrijk dat het logboek op orde is. Want als er een incident is, wil de verzekeraar of de inspectie zien dat de installatie in orde was. Wij adviseren om niet alleen de verplichte jaarlijkse keuring te doen, maar ook voorafgaand aan een groot evenement een functionele test uit te voeren. Simpelweg alle luidsprekers en lampen checken, en de accu’s doormeten.

Dat kost weinig tijd, maar voorkomt verrassingen. Eerlijk gezegd: wij zien nog te vaak dat een installatie jarenlang niet is getest, omdat ‘het toch nooit nodig is’. Maar juist bij een vol gebouw is de kans op een incident statistisch groter, en dan moet alles werken.

Afstemming met beheer en hulpdiensten

Een ontruimingsinstallatie is geen losstaand systeem. Hij moet worden gekoppeld aan de brandmeldinstallatie, de rookafvoer, en soms aan de toegangscontrole (denk aan automatisch openende deuren).

Bij veel bezoekers is het ook belangrijk dat het ontruimingsplan actueel is.

Wie is de beheerder? Zijn er BHV’ers aanwezig? Hoe communiceren zij met de meldkamer?

Wij adviseren om die afstemming minstens één keer per jaar te oefenen, en bij een wijziging in de bezetting of indeling direct het plan aan te passen. Het klinkt misschien als veel werk, maar het is vooral een kwestie van goed vastleggen en regelmatig controleren.

Een ontruimingsinstallatie die past bij het gebouw én bij het gebruik, geeft rust. Niet omdat er nooit iets gebeurt, maar omdat u weet dat het werkt als het nodig is. Heeft u vragen over uw ontruimingsinstallatie of wilt u een praktijkcheck voor uw ontruimingsinstallatie? Neem dan gerust contact met ons op. We denken graag mee.

Veelgestelde vragen

Wat is functiebehoud en waarom is het belangrijk?

Bij RH Beveiligingstechniek begrijpen we dat een ontruimingsinstallatie meer moet kunnen dan alleen aan de minimale eisen voldoen. Functiebehoud betekent dat cruciale systemen, zoals de ontruimingsalarminstallatie, ook tijdens een piekbelasting, zoals een winkelcentrum op een zaterdagmiddag, blijven functioneren.

Hoe beïnvloeden piekbelastingen een ontruimingsinstallatie?

Dit is essentieel om de veiligheid van alle bezoekers te waarborgen. Veel gebouwen zijn ontworpen voor een bepaalde bezetting, maar een evenement of verkoopdag kan de bezetting aanzienlijk verhogen.

Wat is de rol van de Speech Transmission Index (STI) bij de beoordeling van de signaalsterkte?

Onze ervaring leert dat een installatie die op papier voldoet, in deze situaties knelpunten kan opleveren. Daarom is het cruciaal om te beoordelen of de installatie ook bij piekbelasting nog optimaal functioneert. Bij een grote mensenmassa kan de verstaanbaarheid van de ontruimingsalarminstallatie afnemen door achtergrondgeluid.

Hoe kan de plaatsing van speakers worden aangepast om de verstaanbaarheid te verbeteren?

We meten de STI-waarde om te bepalen of de luidsprekers voldoende vermogen hebben en goed zijn geplaatst. Een STI-waarde onder 0,45 is onvoldoende voor een effectieve ontruiming.

Wat houdt functiebehoud precies in en hoe wordt dit getest?

In ruimtes met veel galm, zoals een hal met harde vloeren en hoge plafonds, kan de spraakverstaanbaarheid snel afnemen. Bij een sportkantine bleek bijvoorbeeld dat de bestaande installatie wel aan de norm voldeed bij een lege ruimte, maar tijdens een wedstrijd de boodschap niet te verstaan was. Door de speakers beter te verdelen en de plaatsing aan te passen, kunnen we de verstaanbaarheid significant verbeteren. Functiebehoud is het vermogen van kabels en installaties om, zelfs tijdens een brand, hun functionaliteit te behouden.

Dit betekent dat cruciale systemen, zoals de ontruimingsalarminstallatie, blijven werken. Wij testen dit in genormaliseerde brandproeven, waarbij we kijken naar de kabel zelf, maar ook naar het complete systeem, inclusief de beugels.


RH Beveiligingstechniek B.V.
RH Beveiligingstechniek B.V.
Specialist brandveiligheid en beveiligingstechniek

RH Beveiligingstechniek ondersteunt organisaties met brandmeld, ontruiming, CCTV, inbraakdetectie en toegangscontrole.

✓ Geverifieerd auteur ✓ brandveiligheid en beveiligingstechniek voor bedrijven
RH Beveiligingstechniek B.V.
RH Beveiligingstechniek B.V.
Specialist brandveiligheid en beveiligingstechniek

RH Beveiligingstechniek ondersteunt organisaties met brandmeld, ontruiming, CCTV, inbraakdetectie en toegangscontrole.

Meer over Ontruimingsalarminstallatie

Bekijk alle 28 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Wanneer heeft uw bedrijf een ontruimingsalarminstallatie nodig?
Lees verder →